Projecten
Architectuur
Stedenbouw
Recent
Bureau
Visie en CV
Publicaties
Contact en Route
Vacatures
STUDENTENHUISVESTING UNIVERSITY COLLEGE CAMPUS UTRECHT STUDENTENHUISVESTING UNIVERSITY COLLEGE CAMPUS UTRECHT 207 wooneenheden: 96 zelfstandig en 111 onzelfstandig Opdrachtgever: Bouwvereeniging Volksbelang Vianen. Oplevering juni 2006 UITGANGSPUNT Het klassieke Nederlandse studentenhuis is een grachtenpand met een strenge gevel, waar achter een verrassende wereld vol variatie schuil gaat. Een combinatie van gangen, trappenhuizen, binnenplaatsjes, doorbraken naar geannexeerde buurpanden, binnentuinen en achterhuizen ontsluit een eindeloze variatie aan kamers waar iedereen wil wonen. De karakteristieken van deze vorm van tijdloze studentenhuisvesting zijn een inspiratiebron geweest voor de opzet van ons project. TERREIN Het terrein van het University College Utrecht (door ons ontworpen, samen met Michael van Leeuwen) kent twee gedeeltes met elk een eigen sfeer. Een formeel deel, dat oogt als een klassieke Campus; onderwijsgebouwen, ingebed in gazons met flagstone paden, streng gerangschikt rondom het voormalige excercitie terrein. En een informeel gedeelte, de Village, met een grote variatie aan gebouwen en functies, in een losse verkaveling, verbonden door erven en tuinen. GEBOUWEN De drie gebouwen, Bruun, Belijn en Cuwaert, bezetten de laatste bouwkavels van dit gedeelte van het terrein. Zij verschillen in grootte en karakter maar zijn tegelijkertijd familie van elkaar. Bruun is een langgerekt complex met een hoge kop, twee hoven en drie gemeenschappelijke ruimtes. Belijn is een formeel carré met een serene hof. En Cuwaert is een compact gebouw met een intieme dakstraat. ONTSLUITING De hoofdentree’s van de gebouwen liggen direct aan het erf. Een combinatie van trappenhuizen, galerijen, binnenhoven, gangen, terrassen en dakstraatjes ontsluit de gebouwen. Deze circuits lopen uit op de tuinen, waar de gebouwen met twee zijdes direct aan grenzen. INDELING Voor de indeling van de gebouwen is één principe gehanteerd. Direct onder de hellende daken bevinden zich de zelfstandige éénheden over twee lagen. Daaronder bevinden zich de niet-zelfstandige éénheden met gezamenlijke woonkamers en sanitaire voorzieningen, voor 5 tot 11 personen. De specifieke hoeken van de gebouwen bieden een grote variatie aan éénheden en gemeenschappelijke ruimtes met elk een eigen vorm en omvang. ARCHITECTUUR De baksteen-architectuur probeert aan te sluiten bij de sfeer van de omliggende gebouwen met strenge gevels die tegelijkertijd een subtiele variatie en decoratie kennen. De toepassing van geperforeerd metselwerk biedt de bewoners privacy en tegelijkertijd de mogelijkheid licht en lucht naar eigen voorkeur te regelen.
WONINGBOUW MOLENSTRAAT WONINGBOUW MOLENSTRAAT 66 appartementen en 20 parkappartementen. Apeldoorn, in opdracht van BAMVastgoed. Deeloplevering appartementgebouwen voorjaar 2005, eindoplevering parkappartementen najaar 2007. Het project molenstraat is gelegen op de grens van het oude centrum van Apeldoorn en het vernieuwde stationsgebied. Dit gebied krijgt een grote binnentuin. Het project Molenstraat ligt direct aan de noordzijde van deze tuin. Daarom hebben alle woningen in het project een uitgesproken oriëntatie op het zuiden en deze binnentuin gekregen. De appartementblokken hebben aan de Molenstraat een gesloten gevel als bescherming tegen verkeersgeluid. Om de forse maat en de repetitie van de drie blokken te nuanceren zijn met een hoge entreehal, een glazen trappenhuis en korte galerijen variaties in de volumes aangebracht. Deze elementen werken ’s avonds als één groot armatuur. De toepassing van wisselend wit en zwart metselwerk zorgt voor een extra variatie en decoratie van de drie gebouwen. Aan de parkzijde openen de appartementen zich met veel glas en een ruim balkon van 7,50 meter breedte. De parkwoningen, in vier blokjes van vijf appartementen gegroepeerd, hebben een vergelijkbare opzet. De meer gesloten gevels garanderen privacy naar de hogere buren, terwijl ook deze woningen zich naar park en zon openen met grote glaspartijen en balkons. De bebouwing is ingepast in het glooiende parklandschap met een parkeersouterrain waarin de parkeerplaatsen verzonken zijn ondergebracht. De appartementen en de parkwoningen zijn aan de parkzijde volledig met witte materialen uitgevoerd, waarmee ze aansluiten op het beeld van de klassieke witte parkvilla’s in en om Apeldoorn.
WATERWONINGEN IJ-BURG WATERWONINGEN IJ-BURG AMSTERDAM Woningbouwvereniging het Oosten en Architectenbureau Art Zaaijer hebben samen met Ooms Bouwmaatschappij 6 prototype-Waterwoningen gebouwd waarmee zij de mogelijkheden van wonen op het water willen illustreren. WATERWONEN Een waterwoning is een woning die bijzondere vrijheid biedt. Een waterwoning leeft omdat hij niet als traditioneel “vastgoed” aan één locatie is geklonken. Bewoners kunnen hun waterwoning draaien of verplaatsen. En dus zullen de waterwoningen een enigszins nomadisch bestaan kennen. Ze zullen in hun lange leven op wisselende plekken afmeren. Die plekken zijn niet bij voorbaat bekend en uitzicht, oriëntatie en buren zullen met de verschillende locaties variëren. Dus moet een waterwoning flexibel indeelbaar zijn, zodat de bewoners hun woning kunnen aanpassen aan de kenmerken van een nieuwe locatie. FLEXIBILITEIT Afhankelijk van de ligplaats zal de woonkamer zich dicht bij het water bevinden, of juist op de eerste verdiepingen worden gesitueerd voor maximaal uitzicht. En de woningindeling moet gemakkelijk te wijzigen zijn als een volgende ligplaats om een andere indeling vraagt. Zo’n flexibele indeling is mogelijk gemaakt door de trappen en de technische voorzieningen in een compacte kern te concentreren. Daarmee blijft een maximale vrij indeelbare ruimte over. Het casco is in hout-skeletbouw uitgevoerd waarin gemakkelijk veranderingen kunnen worden aangebracht zoals extra ramen en vides. Met deze uitgangspunten zijn twee basis types ontworpen; type A met de woonkamer op waterniveau, een drijvend terras en een dakterras als buitenruimtes. En type B met de woonkamer op de eerste verdieping aan een dakterras en een extra groot dakterras op de tweede verdieping. Deze indelingen kunnen met de flexibele opzet gemakkelijk gewijzigd worden. Naast de twee losse waterwoningen, type A en B, zijn ook twee verschillende ‘2-onder-1-kap’ woningen gemaakt, opgebouwd uit varianten van de A- en B-types. Deze dubbele woningen zouden ook als één grote woon/werk woning kunnen functioneren. MATERIALISATIE De waterwoningen zijn gerealiseerd op een onzinkbaar platform volgens een beproefd Canadees systeem. Hierop zijn volgens het hout-skeletbouwprincipe de buitenwanden en het dak gemonteerd. De gevels zijn onderhoudsvrij en zeer licht van gewicht, uitgevoerd in een aluminium beplating in twee tinten blauw. MILIEU De waterwoningen kennen geen emissie. Dat wil zeggen dat zij de omgeving waarin zij zich bevinden niet vervuilen. Daartoe worden de woningen elektrisch verwarmd met groene stroom. De gevels zijn onderhoudsvrij zodat geen schoonmaak- of onderhoudsmiddelen in het water kunnen stromen. De ramen kantelen volledig naar binnen zodat schoonmaak binnenshuis kan gebeuren. De lessenaardaken zijn bedoeld om van zonnecollectoren te worden voorzien, met de draaibare waterwoningen perfect op de zon te oriënteren. VARIANTEN Toekomstige eigenaars kunnen met dit concept hun eigen ideale waterwoning samenstellen. Dankzij de vrije indeelbaarheid en de toepassing van houtskelet-bouw kunnen zij, in overleg met architect en aannemer, naar wens de woningindeling, de plaats en de vorm van de ramen, de dakterrassen en de toepassing van vides bepalen. En ook de materialisatie van de gevels kan in overleg worden vastgesteld. TECHNISCHE GEGEVENS Woonoppervlak type A; 140 m2, type B; 130 m2. Verdiepingshoogte; 3,00 m. Platform; lengte x breedte 8,00 m. x 7,70 m. Diepgang; 1,00 m.
VINEX-LOCATIE LEIDSCHENVEEN VINEX-LOCATIE LEIDSCHENVEEN Leidschendam, 248 woningen in opdracht van Woningstichting Voorburg, Bouwfonds Woningbouw en ABB Bouw. Oplevering 2000/2001. OPGAVE Het vinex-bouwprogramma is afgestemd op de vraag naar standaard eengezinswoningen ( ook wel “Oja woningen”.) Het resultaat is vaak een karakterloze huizenzee. Voor vlek 9a van de Vinex-locatie Leidschenveen bij Leidschendam gold zo’n standaard woonprogramma; 250 eengezinswoningen, gerangschikt in een hofverkaveling. De woningen die in de binnenruimte van de hof stonden geprojecteerd zijn op de buitenhoeken geplaatst. Zo ontstaan uitgesproken hoekgebouwen die de buitenring van het project vormen. De binnenring wordt gevormd door poortgebouwen met voetgangersdoorgangen naar de hof. DE WONINGEN Voor de houdbaarheid van de Vinexwijken is een gevarieerd woningprogramma essentieel. Daarom hebben we het programma sterk gedifferentieerd; 2-laagse woningen, 2-laagse ”plus” woningen met een 84 cm. hogere begane grond verdieping, woningen met een dakopbouw als derde laag en gestapelde beneden- en bovenwoningen in vier lagen op de buitenhoeken. De benedenwoningen hebben een eigen voordeur aan de straat en een tuin en zijn qua opzet te vergelijken met de laagbouwwoningen. De bovenwoningen hebben een ruim dakterras terwijl de drie laagse woningen op de uiterste hoeken bovendien een vide hebben. Dankzij het gevarieerde woningprogramma ontstaat een buurtje met een gemeleerde bevolking. De ruitvorm van de verkaveling komt als thema terug in de woningplattegronden. De extra gevellengte van de ruitvorm maakt een gevarieerde indeling van de woning mogelijk. Op de vier hoeken van het plan zijn kunstwerken geïntegreerd, ontworpen door Milou van Ham. PROJECTORGANISATIE Het plan is als één architectonische opdracht, in bouwteamverband ontwikkeld met twee aannemers en drie opdrachtgevers. De opdrachtgevers hebben zich daarbij verplicht tot een gezamenlijke, uniforme planopzet en uitwerking, binnen het gegeven van 50 procent koop- en 50 procent sociale huurwoningen, waarover het gevarieerde woningprogramma gelijkelijk is verdeeld.
WOONGEBOUW DE AKER WOONGEBOUW DE AKER Amsterdam Osdorp; 32 sociale huurwoningen in 9 types, in opdracht van Woningbouwvereniging Het Oosten. Oplevering januari 2000 WOONGEBOUW “ VLAG 207 “, DE AKER, AMSTERDAM OSDORP Dit woongebouw is één van de negen grotere woongebouwen (of “vlaggen”) langs de hoofdontsluitingsweg van de Aker, de laatste grote stadsuitbreiding aan de west-zijde van Amsterdam. Het gebouw wordt aan drie zijdes door wegen geflankeerd. Deze zijdes krijgen een massieve metselwerk gevel die zodanig is geplooid dat een optimale geluidswering ontstaat en de variatie in woningtypes aan de gevel is af te lezen. Aan de oostzijde, aflopend naar de singel, ligt de deels gemeenschappelijk tuin. Hier opent de gevel zich met grote glaspuien en balcons. Aan de noordzijde snijdt een hellingbaan een hoek uit het gebouw. De hoofdentree die zo ontstaat wordt extra gemarkeerd met een glaskunstwerk van Lydia Schouten. De hellingbaan biedt ook toegang tot de tweede laag bergingen. Door de bergingen in twee lagen te stapelen worden uitstekende bergingblokken voorkomen. De 32 sociale huurwoningen ( opdrachtgever Woningbouwvereniging Het Oosten ) worden in negen types uitgevoerd. In weerwil van de economische druk om tot standarisatie en repetitie te komen ontstaat met deze variatie in types ook een gevarieerde bevolking in het gebouw en in de wijk. Om zoveel mogelijk woningen een eigen voordeur op de beganegrond te geven is een rug aan rug-principe toegepast; het R1 type heeft aan de oostzijde een eigen tuin met extra hoge woonkamer, het R2 type heeft aan de westzijde een verhoogd terras. Om éénzijdige orientatie te voorkomen krijgen deze R-types een eerste verdieping aan de andere zijde van het gebouw. Het resultaat; “ rug aan rug cross-over maisonnettes “. De drie lagen daarboven bevatten per stramien twee duplex-woningen, ontsloten door een middengang die loopt van het grote raam in de noordgevel naar het lichte tweede trappenhuis. De variatie in woningtypes tekent zich af in de set-back van de westgevel, waarmee de onderste duplexen een tweede balcon krijgen. Zo geven de verschillende karakteristieken van het blok de woningtypes een gevarieerde, maar gelijkwaardige kwaliteit.
4 GRACHTENPANDEN JAVA-EILAND 4 GRACHTENPANDEN JAVA-EILAND Amsterdam, in opdracht van SFB-Bpf. Oplevering oktober 1999. Het ontwerp is onderdeel van het stedenbouwkundigplan voor het Java-eiland. In dit plan zijn grachten geïntroduceerd die het eiland in de dwarsrichting doorsnijden en zo onderverdelen in kleinere segmenten. Deze grachten krijgen gevelwanden die zijn samengesteld uit “moderne grachtenhuizen”( opdrachtgever SFB Bpf.), die door verschillende architecten zijn ontworpen. De ontwerpen worden elk vier maal gebouwd langs de verschillende grachten. Deze opzet resulteert in een tamelijk onrustig gevelbeeld. Daarom probeert dit ontwerp bescheiden te blijven in z’n architectonisch expressie. De gevel krijgt twee gemetselde penan ten die een neutrale aansluiting vormen met de wisselende buren. Tussen deze penanten vormt een vertikale glasstrook in de massieve gevelwand een glimmende snede, opgebouwd uit zonwerend spiegelglas, groen gelaagd glas als balustrade en aluminium “zon-dessin” beplating. De woningplattegrond wordt bepaald door een trappenhuis in de hoek aan de tuinzijde. Hiermee blijven de afzonderlijke verdiepingen zo open mogelijk en kunnen ze onafhankelijk van elkaar ontsloten worden. Zo ontstaat een huis dat geschikt is voor de meest uiteenlopende vormen van gebruik; grote gezinswoning, woon/werkwoning, groepswoning etc. Ter compensatie van de bescheiden tuinen van de grachtenhuizen, die altijd strikt oost- of west zijn georiëënteerd, is een zo groot mogelijk dakterras gemaakt dat een tweede, altijd goed bezonde buitenruimte biedt.
WOONGEBOUW KAVEL 25 WOONGEBOUW KAVEL 25 Woningbouwfestival Dedemsvaartweg, Den Haag, 44 socialehuurwoningen in 12 types en 2 gemeenschappelijke ruimtes, in opdracht van AWV Den Haag. Opgeleverd mei ’92 (i.s.m. Kees Christiaanse) Het gebouw is onderdeel van het woningbouwfestival Den Haag, waarin gestreefd wordt naar een expositie van gevarieerde woningtypes en woongebouwen als impuls voor de typische, monofunctionele jaren-60 wijk Morgenstond. (zie voor het stedenbouwkundige plan elders in dit boekje). Kavel 25 is de eerste van vijf grotere woongebouwen in de hoogbouwzone van de festivalstrook. Met de objectmatige bebouwing blijft deze strook overal transparant. Alleen Kavel 25 vormt, als “omgevallen toren” een scherm tussen groen en bestaande bebouwing. Daarom geldt voor dit kavel de stedenbouwkundige eis van een transparant gebouw. Het gebouw wordt op poten gezet en geperforeerd. Achter de massieve straatgevel verwijden de perforaties zich naar het groen en de lucht. “Lichte” materialen in de gaten contrasteren met de geluidwerende stenen traatgevel en reflecteren het doorvallende licht. Het grote gat met lift en het kleine gat met trappen verdelen het gebouw in een noordkop, een middenmoot en een zuidkop. Deze gebouwdelen bevatten met hun specifieke ontsluitingen 11 verschillende woningtypes en 2 gemeenschappelijke ruimtes. Het gebouw (44 sociale huurwoningen, opdrachtgever Algemene Woningbouw Vereniging) biedt zo plaats aan alleenstaanden, gehandicapten, paren en (grote) gezinnen. De gemeenschappelijke ruimtes, balcons en terrassen maken centraal wonen en groepswonen voor ouderen mogelijk. Binnen de woningen zijn de keuken en de natte cel zo compact mogelijk georganiseerd en zijn zo min mogelijk wanden gemaakt. Daarmee ontstaat de grootst mogelijke open ruimte die de bewoners de vrijheid laat hun woning naar eigen inzicht in te delen.
HUIZE SCHUITEMAKER Wommels, Friesland, in opdracht van de familie Schuitemaker. Opgeleverd juni ’97. HUIZE SCHUITEMAKER Wommels, Friesland, in opdracht van de familie Schuitemaker. Opgeleverd juni ’97. De opdrachtgever wilde geen cataloguswoning, maar een echt eigen huis, hoewel het budget zeer beperkt was en de Friese welstandsregels zeer strikt; alleen gemetselde gevels, een dakhelling van minimaal 25 graden en een goothoogte van maximaal 5 meter. Dit leidde tot een sober volume; een rechthoek van ongeveer zes bij tien meter, afgeschuind door middel van een verdraaid lessenaardak. Door dit dak niet evenwijdig aan-, maar in een hoek van 30 graden met de langsgevels af te laten lopen kreeg elke hoek van het huis z’n eigen hoogte en is het dak een eigenzinnige, ruitvormige vijfde gevel geworden. Binnen genereert het dak kamers die in hoogte oplopen van 80 cm. tot 3,60 m met vrij zicht op de Friese wolkenluchten. Twee rechte steektrappen, in elkaars verlengde gelegd, volgen het klimmende dak, aangelicht door een ruim daklicht. Met een kolomloze hoek en vele dubbele glasdeuren opent de woning zich naar de tuin, terwijl de lagere, gesloten noord- en westgevel beschutting bieden tegen de wind en opdringende buurbebouwing.